Onderstaande lezing werd in april 2026 uitgesproken door ds. Lydia Veerman tijdens de conferentie ‘Radical Thinking and the Concept of Truth’ aan de University of Pretoria. Het beschrijft de start van de weg die de interkerkelijke initiatiefgroep 40 jaar Belijdenis van Belhar is gegaan, om in Nederland op zoek te gaan naar een eigen context voor deze oorspronkelijk Zuid-Afrikaanse belijdenis.
De stem uit het Zuiden
Zaterdag 1 juli 2023 was een historische dag in Nederland. Toen bood Zijne Majesteit Koning Willem Alexander excuses aan voor het slavernijverleden en hij deed nog meer: hij vroeg om vergiffenis. Wij zaten overdag met ons hele gezin voor de televisie want ik wilde dat mijn kinderen -beiden tieners- hier getuige van zouden zijn. De vraag van de koning om vergiffenis raakte mij. Zoals u weet heeft Nederland een zeer groot aandeel gehad in de trans Atlantische slavenhandel. Voor een groot deel werd deze misdaad tegen de menselijkheid goedgepraat door kerken en hun voorgangers. De bijbel was heilig voor slavenhandelaren, de psalmen stonden op de muren van de slavenforten maar ondertussen werden de tot slaaf gemaakten door deze christelijk bewogen handelaren in erbarmelijke omstandigheden als vee vervoerd over de Atlantische oceaan. En terwijl we naar de koning keken, naar zijn vraag om vergeving, dacht ik aan de Zuid-Afrikaanse Belhar Belijdenis. Ik vroeg me af of de Belijdenis van Belhar een rol zou kunnen spelen bij het verwerken van de erfenis van slavernij.
En terwijl we naar de koning keken, naar zijn vraag om vergeving, dacht ik aan de Zuid-Afrikaanse Belhar Belijdenis. Ik vroeg me af of de Belijdenis van Belhar een rol zou kunnen spelen bij het verwerken van de erfenis van slavernij.
De directe context van de Belijdenis van Belhar is de leer van de apartheid, en niet de slavenhandel. Maar de geschiedenis van zowel de apartheid als van de slavenhandel kenmerkt zich door een belangrijke overeenkomst: racisme. De Belijdenis van Belhar verklaart dat racisme zonde is. Zoals David Kuyler schrijft: „Racisme voedt een vals gevoel van superioriteit, het ontkent de gemeenschappelijke menselijkheid van gelovigen en het ontkent het verzoenende, humaniserende werk van Christus. Het systematiseert onderdrukking, overheersing en onrecht (David Kuyler, Plaatjies-van Huffel 2016)”. Met de Belijdenis van Belhar werd een streep gezet door een samenleving en door een geschiedenis waarin de ene christen zich op basis van huidskleur verheven voelde boven de ander.
In dit paper wil ik ingaan op de relevantie van de Belijdenis van Belhar voor de interculturele dialoog, voor al die momenten in het leven waarop we mensen ontmoeten die anders zijn dan wij. Mijn kerk is de Protestantse Kerk in Nederland. In onze kerk zijn drie kerken samengevoegd tot één. De Belijdenis van Belhar heeft bij de vorming van de Protestantse Kerk in Nederland in 1999 kandidaat gestaan om een plaats te krijgen in de kerkorde. Zover is dit niet gekomen. Sindsdien is de Belijdenis van Belhar bij het overgrote deel van het protestantse kerkpubliek in Nederland onbekend. In juni 2025 zijn we met een kleine initiatiefgroep van start gegaan om in protestants Nederland aandacht te vragen voor de Belijdenis van Belhar. Wanneer je nu, in de jaren ’20 van de 21e eeuw aandacht wilt vragen voor een tekst, die in de jaren ’80 van Zuid-Afrika actueel was, moet je deze doen landen binnen de eigen context. Ik neem jullie mee op de reis die we het afgelopen jaar zijn gegaan, op zoek naar deze context en de relevantie voor onze tijd. En voor een deel wordt deze context gevormd door het slavernijverleden. Dus misschien zat ik er niet ver naast, die eerste juli van 2023, dat Belhar een rol kan spelen bij het omgaan met de erfenis van de transatlantische slavenhandel.
Om de context helder te krijgen, is er veel overleg nodig. En tijdens deze gesprekken kwamen een aantal metaforen naar voren – beelden die elk op hun eigen manier licht werpen op de relevantie van de Belijdenis van Belhar. Deze beelden zijn:
• Cadeau
• Spiegel en venster
• Sleutel
Cadeau
Op 3 juni gingen we van start, met 3 predikanten uit de Protestantse Kerk Nederland en drie leden van de Stichting Heilzame Verwerking Slavernij verleden. Wij spraken met elkaar over de stelling: ‘Belhar is een cadeau uit het zuiden dat met beide handen mag worden aangenomen.’ Een cadeau, dat klinkt vrijblijvend, maar aan de andere kant wanneer je een cadeau krijgt kun je het niet terugbrengen naar de winkel, je zult het moeten uitpakken. En cadeau: dat is niet alleen een gave, maar ook een opgave. De Belijdenis van Belhar laat zien wat er gebeurt wanneer ‘wit’ en ‘zwart’ gaan samenwerken.
Dit vraagt om wat meer uitleg. De geschiedenis van de kerk in Nederland is complex; er wordt vaak gezegd dat de Nederlanders het ‘meest kerk-scheurderige volk’ zijn. Toch vinden veel van deze verschillende kerken hun oorsprong in wat in de 16e eeuw bekend stond als de ‘Nederduits Gereformeerde Kerk.’ In 1652 stichtte de Nederlander Jan van Riebeeck een handelspost voor de beroemde Nederlandse Oost-Indische Compagnie aan de Kaap de Goede Hoop en nam hij zijn kerk mee: de Nederduitse Gereformeerde Kerk. Ook de slavenhandelaren die hun psalmverzen op de muren van de slavenforten graveerden, waren lid van diezelfde Nederduits Gereformeerde Kerk. Maar dat terzijde.
De theologie van Belhar is dan ook een voortzetting van de theologie die in Nederland – bij de Nederlanders – is ontstaan en haar weg naar Zuid-Afrika heeft gevonden. Zoals de Algemene Synode van de Uniting Reformed Church in Southern Africa in 2008 verklaarde: ‘Dat de Belhar-belijdenis niet louter ‘sentimentele waarde’ heeft, maar een onvervangbaar geschenk is voor de kerk van Jezus Christus in binnen- en buitenland, evenals een authentieke uitdrukking van de gereformeerde theologie voor onze tijd en context, en als zodanig geëerd en aanvaard wordt door kerken in de gereformeerde familie over de hele wereld.’ Dit punt werd opnieuw bevestigd tijdens het congres van de World Communion of Reformed Churches in Thailand, in november 2025, toen in de verklaring werd opgemerkt dat Belhar een van de belangrijke documenten is voor de wereldwijde gereformeerde kerk en een gidsfunctie heeft voor het kerk-zijn van deze tijd.
Dit geschenk was de stem van het zuidelijk halfrond; het heeft het gereformeerde geloof binnen de Zuid-Afrikaanse context nieuw leven ingeblazen. En we vroegen ons af: wat zou er vandaag gebeuren als ‘zwart’ en ‘wit’ Belhar samen zouden uitpakken, en het samen zouden lezen?
Spiegel en venster
In september kwamen we weer bij elkaar. De plannen werden concreter. Er moest een themanummer komen van een academisch tijdschrift. Een symposium voor theologen en geïnteresseerden. En een magazine voor het bredere protestantse kerkpubliek. In oktober hadden we de eerste bespreking over het publieksmagazine. Toen werd duidelijk dat nadenken over de Belhar-belijdenis ook ongemak kan veroorzaken: als je in de spiegel kijkt, gaat reflecteren, nadenken over jezelf. Wat de geschiedenis van de slavernij betreft, kan dit ongemakkelijke vragen oproepen. Maar de spiegel liet ons ook iets van het heden zien, iets van dichtbij. In onze Protestantse Kerk in Nederland zijn de gemeenten overwegend wit, terwijl er in ons land bijna evenveel migrantengemeenten zijn. Toch is er weinig tot geen contact tussen de verschillende kerken. Bovendien merken we dat er binnen de gemeenten een groeiend ongemak heerst, vooral onder de jongere generatie, als het gaat om mensen met een andere culturele achtergrond. We wilden niet dat mensen in de spiegel keken en vervolgens wegliepen. Daarom bedachten we ook het concept van het raam: daar kun je doorheen kijken, naar buiten. Uit voorbeelden van Zuid-Afrika en bijvoorbeeld ook de Verenigde Staten kun je lering trekken met betrekking tot racisme, juist ook van de ‘negative practices’.
Dus dat werd een rode draad voor het te maken magazine: we wilden de mensen in Nederland vragen om zowel in de spiegel te kijken die hen voorgehouden werd met de Belijdenis van Belhar, als door het raam naar andere kerken te kijken en naar hun ervaringen met deze belijdenistekst.
Sleutel
In december bezocht ik een bijeenkomst over de verwerking van het slavernijverleden. Volgens de eerste spreekster stond de kerk op een kruispunt: van reflectie naar actie. Ze vergeleek de erfenis met een renovatie. Wie de sleutel in handen heeft, draagt de verantwoordelijkheid om te herstellen wat gebroken was. Als het om de kerk gaat, het lichaam van Christus, zal onze hele manier van denken hervormd moeten worden, zo zei ze. Racisme zelf, en alles wat aan racisme grenst, moet uit de kerk worden verwijderd. Van valse beweringen over de waarheid naar de levende waarheid zelf. Van waarheid die verdeelt naar waarheid die verenigt. Het woord ‘sleutel’ is een mooi woord. De kerk is verantwoordelijk, die heeft de sleutel in handen, maar Belhar, met zijn voortzetting van de gereformeerde theologie, kan een sleutel zijn die een deur opent naar een nieuwe kerk.
Conclusie: de stem van het Zuiden
Laat me bij wijze van conclusie nog een vierde beeld toevoegen. Nu we het toch over deuren en sleutels hebben, moet ik terugdenken aan de tijd dat ik, als studente missiologie, verbleef in de township Seshego bij Polokwane. Ik ging bij iemand op bezoek en klopte hard op de deur. De mensen schrokken ervan. Zo bonste vroeger de politie op de deur, in de tijd van de apartheid, leerden ze mij. Een zacht klopje was genoeg om mij te horen. Het geluid van de waarheid is niet hard, niet luid. Haar stem is zacht, maar scherp. En als je goed luistert, kruipt het onder je huid.
Het werd januari. We spraken opnieuw over het publieksmagazine. Hoe kunnen we met elkaar in gesprek gaan, ook als dat ongemakkelijk is? Hoe komen we dichter bij elkaar? En we vroegen ons af: ‘Hoe breng je mensen met verschillende achtergronden samen rondom het geloof? Door samen de Bijbel te lezen en samen te bidden. De Belijdenis van Belhar, die racisme tot zonde verklaart, kan ons helpen het ongemakkelijke gesprek aan te gaan en een weg in te slaan naar verzoening en herstel. We besluiten materiaal voor gespreksgroepen te ontwikkelen over de Belijdenis van Belhar, met het samen delen van het geloof als kern. Materiaal uit 2014, gemaakt voor ontmoetingen tussen gemeenteleden van de witte Nederduitse Gereformeerde Kerk en de Uniting Reformed Church of Southern Africa, ‘Living Belhar’ van de Zuid-Afrikaanse hoogleraar Klippies Kritzinger, diende als inspiratiebron. Hierin staat de opmerking dat Belhar om een bekering vraagt, een bekering tot elkaar. Dat is een goed uitgangspunt.
Het is maart 2026. Ik woon een bijeenkomst bij in het ‘Huis van de Dialoog’ in Amsterdam. We praten over het gebrek aan zwart leiderschap in de Protestantse Kerk in Nederland. Iemand stelt voor: we zouden samen moeten bouwen aan één narratief. En ik denk: Belhar is dat narratief! Vervolgens vraagt iemand anders: kennen wij onze geschiedenis? En kennen wij de geschiedenis van zwarte mensen? Ik denk hierover na. En ik besef: de kerk is de kerk van de gekruisigde Christus. Naakt aan het kruis. Van alles ontdaan. Dit is radicaliteit in zijn puurste vorm: jezelf geven en verzoening aanbieden, en opnieuw beginnen. In de vroege dagen van haar geschiedenis werd de kerk vervolgd. Tijdens de Reformatie werden degenen die zichzelf protestanten noemden vervolgd. En tijdens het apartheidsregime waren het de kerken van mensen van kleur die, als reactie op hun onderdrukking, de Belijdenis van Belhar schreven. Belhar vertelt het verhaal van mensen op het grondvlak, of met een Engelse uitdrukking: ‘grass-roots’ level. Zoals Reginald Smith, een zwarte emerituspredikant van een kerk voor witte voormalige immigranten in Grand Rapids, mij vertelde: ‘Veel van wat nu speelt, gebeurt bij mensen op ‘grass-roots’ level. Zij hebben iets nodig dat met hart, verstand en ziel spreekt, zoals deze belijdenis.’
Op een vriendelijke manier, met een zachte stem, wordt ons een geschenk overhandigd, wordt ons de spiegel voorgehouden, naar het raam gewezen, en worden we herinnerd aan de sleutel die nog in onze zak zit.
Op een vriendelijke manier, met een zachte stem, wordt ons een geschenk overhandigd, wordt ons de spiegel voorgehouden, naar het raam gewezen, en worden we herinnerd aan de sleutel die nog in onze zak zit.
Twee weken geleden was ik weer in het Huis van de Dialoog, ditmaal voor de Keti Koti-tafel. Het Surinaamse woord Keti Koti betekent ‘gebroken ketenen’ en viert de afschaffing van de slavernij. Aan de Keti Koti-tafel spreken zwarte en witte mensen hier samen over. Ik spreek met een jonge moeder, afkomstig uit Congo. Een moderne vrouw, maar toch voelt de witte predikant voor haar dichter bij God dan de zwarte predikant. Haar gevoel van minderwaardigheid, alleen vanwege haar huidskleur, raakt me en zit me dwars. Want zij is niet de enige. Het gesprek met haar brengt me dichter bij de mensen die ik op straat tegenkom. Welk beeld heb ik van hen, en niet minder belangrijk, welk beeld hebben zij van mij?
Dit is hoe we de Belijdenis van Belhar naar kerken in Nederland willen brengen. Zodat mensen in een veilige omgeving de teksten kunnen lezen en mensen kunnen ontmoeten die ze normaal gesproken niet zouden ontmoeten. De waarheid van het geloof brengt hen samen. Belhar herinnert hen eraan dat ze één zijn, geroepen om verzoening te brengen en om gerechtigheid te doen. Dat is alles. Dat is het evangelie. En uiteindelijk – of wie weet al vanaf het begin – zullen ze elkaar in de ogen kijken en in staat zijn om elkaar in het hart te zien.
Pretoria, 23 april 2026
Lydia Veerman is predikante in PKN Rijnsburg en maakt deel uit van de initiatiefgroep die aandacht vraagt voor de belijdenis van Belhar.

